Benchmarkingconvenant

Voor de grote energie-intensieve vestigingen met een jaarlijks verbruik van ten minste 0,5 PJ en de vestigingen die onder de Europese richtlijn verhandelbare emissierechten vallen, vraagt de Vlaamse overheid om hun eigen prestaties op het vlak van energie-efficiëntie te laten toetsen aan die van andere goedpresterende vestigingen op wereldschaal, of met andere woorden te laten benchmarken. Op basis hiervan worden voor de onderneming energie-efficiëntiedoelstellingen vastgelegd in een benchmarkingconvenant die daarvoor tegenprestaties van de overheid mag verwachten.

De bedoeling is te komen tot een maximale bijdrage van de bedrijven aan rationeel energieverbruik en aan de doelstellingen voor vermindering van de uitstoot van broeikasgassen onder het Protocol van Kyoto zonder de economische slagkracht van de Vlaamse ondernemingen in het gedrang te brengen. Een 180-tal vestigingen die samen ca. 80% van het industrieel energiegebruik of van de CO2-emissies van de Vlaamse industrie vertegenwoordigen, zijn tot het benchmarkingconvenant toegetreden.