Installatie-eisen

Vanaf 2017: minimale eisen voor installaties bij nieuwbouw van industriegebouwen

Voor industriegebouwen met een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning of melding vanaf 1 januari 2017 gelden installatie-eisen. Dat zorgt ervoor dat nieuwe industriegebouwen niet enkel performant zijn qua gebouwschil, maar ook op het vlak van de technische installaties. Er geldt immers geen E-peileis voor industriegebouwen.

De eisen zijn identiek aan de installatie-eisen die gelden voor bestaande gebouwen (zie hieronder).

Vanaf 2015: minimale eisen voor het vernieuwen van installaties in bestaande gebouwen

Voor werkzaamheden aan bestaande gebouwen met stedenbouwkundige aanvraag of melding vanaf 1 januari 2015, zullen eisen gelden voor de installaties. De nieuwe eisen worden ‘installatie-eisen bij renovatie’ genoemd. De installatie-eisen bij renovatie zullen gelden voor nieuw geplaatste, vernieuwde of vervangen installaties bij renovaties en functiewijzigingen in bestaande gebouwen. De eisen gelden niet voor installaties waaraan geen werkzaamheden worden uitgevoerd.

Het overzicht van de eisen vindt u hier (pdf). Voor de installaties die niet vermeld zijn, gelden geen eisen.

De installatie-eisen bij renovatie worden toegevoegd aan de bestaande EPB-eisen. Ook de bestaande procedures, taken en verantwoordelijkheden van de EPB-regelgeving zijn van toepassing:

  • De aangifteplichtige (doorgaans de houder van de stedenbouwkundige vergunning) is verantwoordelijk voor het voldoen aan de eisen. Er wordt een boete opgelegd aan de aangifteplichtige als de eisen niet zijn gerespecteerd.
  • De architect zal de bouwheer tijdens het bouwproces bijstaan. Hij/zij heeft als taak het gebouw zo te ontwerpen dat het voldoet aan de EPB-eisen.
  • De verslaggever dient in opdracht van de aangifteplichtige een startverklaring en EPB-aangifte in waarin de prestaties gerapporteerd zijn.