Er is een eis op het beperken van het risico op oververhitting 

Enkel bij woongebouwen moet het risico op oververhitting onderzocht worden. De oververhittingsindicator moet onder een drempelwaarde blijven. Dat is een eis op het vlak van binnenklimaat.

Voor een zo laag mogelijk E-peil is het sowieso interessant om het oververhittingsrisico voor alle gebouwen zo veel mogelijk te beperken.

Hoe kan het risico op oververhitting beperkt worden?

Van in de ontwerpfase moet aandacht besteed worden aan:

  • de oriëntatie van de vensters;
  • de zonnetoetredingsfactor van de beglazing;
  • effectieve zonwering aan vensters;
  • beschaduwing van vensters door luifels;
  • een bouwwijze met een zekere 'zwaarte'.

In gebouwen waar relatief veel beglazing is toegepast in verhouding tot het beschermde volume kan het moeilijk zijn om het oververhittingsrisico te beperken.

Het toepassen van een lichte bouwwijze (houtskeletconstructie, …) kan het oververhittingsrisico doen toenemen. Die bouwwijze heeft minder thermische capaciteit dan het gebruik van meer metselwerk of beton. Die materialen slaan de warmte beter op in hun massa.