Heeft iedereen een financieel nadeel en recht op de tegemoetkoming?

110.000 gezinnen die beschikken over zonnepanelen en een digitale meter zijn geraakt door het arrest van het Grondwettelijk Hof dat de regeling van de virtuele terugdraaiende meter teniet doet.

Zij kregen na 1 maart 2021 een tussentijdse afrekening waarbij:

  • voor de elektriciteitsafname en -injectie van voor 1 maart 2021 kreeg de prosument een tarief voor de gecompenseerde afname plus een forfaitair prosumententarief aangerekend (pro rata het aantal dagen waarover de afrekeningsfactuur ging);
  • voor de elektriciteitsafname vanaf 1 maart 2021 krijgt de prosument de werkelijke afname aangerekend (zowel voor netkosten als voor de energiecomponent). Het prosumententarief valt vanaf dan weg voor wie over een digitale meter beschikt en de injectie kan verkocht worden aan de leverancier.

Het financiële nadeel tussen de prosumenten die getroffen zijn door de abrupte overgang van het ene systeem van aanrekening naar het andere kan sterk verschillen, afhankelijk van de situatie:

  • als uw laatste afrekening van de elektriciteitsfactuur in de tweede helft van 2020 viel, is de impact voor u het grootst;
  • kreeg u de laatste afrekening begin 2020, dan had u bijna een volledige jaarcyclus op de terugdraaiende teller en had u door het zonnige voorjaar van 2020 een weinig of geen nadeel van de abrupte afrekening op 1 maart 2021;
  • Hoe groter uw zonnepaneleninstallatie, hoe groter het financiële nadeel.

Lees ook het antwoord op de vraag ‘Welk bedrag mag ik verwachten’ om vooraf na te gaan over welk premiebedrag het in uw situatie gaat.

Deze tegemoetkoming wordt niet automatisch toegekend, maar kunt u aanvragen via een premie, als u aan alle voorwaarden voldoet.