Aan welke voorwaarden moeten de installatie en de aanvraag voldoen voor de retroactieve investeringspremie?

U heeft al een digitale meter. Om in aanmerking te komen voor de eenmalige retroactieve investeringspremie, moeten uw zonnepaneleninstallatie en uw aanvraag aan álle onderstaande voorwaarden voldoen:

  • uw zonnepaneleninstallatie moet beschikken over een maximaal omvormervermogen kleiner dan of gelijk aan 10 kVA;
  • uw zonnepaneleninstallatie moet in dienst genomen zijn (datum AREI-keuringsverslag) in de periode van 1 januari 2006 tot en met 31 december 2020;
  • uw zonnepaneleninstallatie moet beschikken over een digitale meter;
  • uw zonnepaneleninstallatie moet aangesloten zijn op het elektriciteitsdistributienet en moet in staat zijn elektriciteit te injecteren op het elektriciteitsdistributienet en dat gedurende de laatste 12 maanden nog eens gedaan hebben;
  • uw zonnepaneleninstallatie moet toepassing maken van de regeling van de terugdraaiende teller op het moment van de bekendmaking van het arrest van het Grondwettelijk Hof;
  • uw zonnepaneleninstallatie moet aangemeld zijn bij de distributienetbeheerder (Fluvius) en dit uiterlijk op 1 oktober 2021;
  • uw aanvraag moet uiterlijk 6 maanden na de plaatsing van de digitale meter via de website van Fluvius ingediend zijn.
    Indien er bij u echter in begin 2021, in 2020 of vroeger al een digitale meter geplaatst werd, moet uw aanvraag
     uiterlijk op 19 januari 2022 (volgens de geplande publicatiedatum) ingediend zijn (namelijk uiterlijk 6 maanden vanaf de inwerkingtreding van het besluit van de Vlaamse Regering over de retroactieve investeringspremie).
  • de eigenaar of gebruiker van de zonnepaneleninstallatie heeft de distributienetbeheerder (Fluvius) vanaf 1 januari 2025 voor de plaatsing van de digitale meter niet de toegang geweigerd tot de ruimte waar de elektriciteits- of aardgasmeter staat. 
    Meer informatie kan u terugvinden in de rubriek '
    Hoe verloopt de uitrol van de digitale meter?';
  • er mag geen rechtsvordering ten aanzien van het Vlaamse Gewest tot vergoeding van enige schade zijn ingediend.

Om recht te hebben op de premie, moet u de eigenaar zijn van de zonnepanelen.

De datum van de plaatsing van de digitale meter, en de datum van het verlijden van de akte (vb. bij verkoop), of de datum van een contract (vb. bij verhuur) bepalen wie de eigenaar is van het gebouw en/of de zonnepanelen. 1 maart 2021 is daarbij een cruciale datum (de inwerkingtreding van het arrest van het Grondwettelijk Hof dat de regeling van de virtueel terugdraaiende teller opheft):

Als de digitale meter voor 1 maart 2021 is geplaatst.

Als de akte verleden is na 1 maart is de oorspronkelijke eigenaar van de woning, de eigenaar van de zonnepanelen.  Als de akte verleden is voor 1 maart, is de nieuwe eigenaar van de woning, de eigenaar van de zonnepanelen.

Als de digitale meter na 1 maart 2021 is geplaatst.

Het moment van het plaatsen van de digitale meter is cruciaal. Als de akte verleden is voordat de digitale meter is geplaatst, is de nieuwe eigenaar van de woning, de eigenaar van de zonnepanelen. Als de akte verleden is nadat de digitale meter is geplaatst, is de oorspronkelijke eigenaar van de woning, de eigenaar van de zonnepanelen.

​​​In de meeste gevallen is de eigenaar van een onroerend goed (woning, appartement, handelspand, kantoren,...) ook eigenaar van de zonnepanelen die op dit onroerend goed (of perceel) liggen.

In een aantal gevallen (bij verkoop, leasing van zonnepanelen,…) heeft de huidige eigenaar van het onroerend goed niet automatisch recht op de retroactieve investeringspremie voor de zonnepanelen.

schema eigenaar zonnepanelen

Enkele situaties:

  • Bij een recente eigendomsoverdracht van het gebouw, bijvoorbeeld bij verkoop of erven, bepaalt de datum van het verlijden van de akte wie de eigenaar is van de zonnepanelen (zie data hierboven).
  • Een huurder kan benadeeld zijn, omdat hij sinds 1 maart 2021 niet meer van het voordeel van de terugdraaiende teller kan genieten, maar toch is het de eigenaar van de zonnepanelen (in de meeste gevallen de eigenaar van het gebouw) die volgens het Energiebesluit recht heeft op deze premie, en niet de huurder (tenzij de huurder investeerde in de zonnepanelen).
  • Bij leasing van zonnepanelen: zolang u ‘leasingnemer’ bent en de zonnepaneleninstallatie niet heeft afbetaald, blijft de ‘leasinggever’ de eigenaar van de zonnepanelen.
  • Als de zonnepanelen zijn aangesloten op uw EAN-nummer, en op het dak of perceel liggen van een andere eigenaar, zult u een overeenkomst hebben afgesloten met de eigenaar van het dak/perceel. De datum in die overeenkomst bepaalt of u de eigenaar bent van de zonnepanelen, of niet (zie data hierboven).
  • Bij appartementsgebouwen zijn er meerdere mogelijkheden:
    • Het kan gaan om afzonderlijke zonnepaneleninstallaties waarbij elke installatie aangesloten is op een aparte EAN-nummer (van een wooneenheid). Deze situatie komt overeen met een eengezinswoning met zonnepanelen: de eigenaar van de wooneenheid is ook de eigenaar van de zonnepanelen die zijn aangesloten op het EAN-nummer van die wooneenheid.
    • Het kan gaan om een installatie die is aangesloten op de EAN-nummer van de VME (Vereniging van Mede-Eigenaren). In dat geval heeft de eigenaar van de installatie (VME) recht op de premie.
    • Het kan gaan om een installatie die via een contract wordt verdeeld over verschillende eigenaars (bv. elk is 25% eigenaar). In dat geval dient één van de eigenaars de premie-aanvraag in en verdeelt de premie met de andere eigenaars. 

Meer info en voorbeelden, vindt u bij de veel gestelde vragen in de aanvraagmodule van Fluvius, in het deel 'Eigenaar'.