Toepassingsgebied van het EPC voor de gemeenschappelijke delen

Verplichting

Vanaf 1 januari 2022 moet elk bestaand appartementsgebouw met minstens 2 gebouweenheden over een EPC voor de gemeenschappelijke delen van een appartementsgebouw beschikken. Dit is een algemene verplichting die geldt voor alle gevallen, dus niet alleen bij verkoop of verhuur.

Voor een nieuwbouw appartementsgebouw is de verplichting pas van toepassing tien jaar na het verkrijgen van de stedenbouwkundige vergunning of de omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen.  
Binnen één maand na het verstrijken van deze periode moet het EPC voor de gemeenschappelijke delen beschikbaar zijn.

Geldigheidsduur

Het energieprestatiecertificaat gemeenschappelijke delen is tien jaar geldig, tenzij belangrijke energiebesparende werken werden uitgevoerd (zie hieronder).

Als de geldigheidsduur van het energieprestatiecertificaat gemeenschappelijke delen vervalt, zorgt de eigenaar of de vereniging van mede-eigenaars van het appartementsgebouw ervoor dat een nieuw EPC is opgemaakt:

  • Binnen zes maanden na het einde van de werken of de ingebruikname van een installatie;
  • Binnen één maand na het verstrijken van de geldigheidsduur van het EPC gemeenschappelijke delen.

Het energieprestatiecertificaat gemeenschappelijke delen vervalt als:

  • Een aangepast EPC is opgemaakt; of
  • Minstens 15% van de omhullende schildelen van het beschermde volume van het gebouw vervangen, bij- of nageïsoleerd worden; of
  • Er collectieve technische installaties van het gebouw vervangen of nieuw geplaatst worden:
Wat zijn omhullende schildelen?

Met omhullende schildelen wordt bedoeld:

  • Dak;
  • Buitenmuren;
  • Onderste vloer;
  • Vensters, deuren en panelen van de gemeenschappelijke (circulatie)ruimtes;

Wat wordt niet als omhullende schildelen beschouwd:

  • Vensters, deuren en panelen van de individuele eenheden (= appartementen en kleine niet-residentiële eenheden);
  • Wanden en vloeren tussen de individuele eenheden en tussen individuele eenheden en gemeenschappelijke ruimtes ( vb. tussen appartementen of kleine niet-residentiële eenheden en de gemeenschappelijke traphal of gang);
Welke collectieve installaties worden bedoeld?

Collectieve technische installaties bedienen meer dan één eenheid (= appartement of kleine niet-residentiële eenheid).

Het gaat over:

  • Collectieve installaties voor ruimteverwarming;
  • Collectieve installaties voor sanitair warm water;
  • Collectieve installaties voor koeling;
  • Collectieve installaties voor ventilatie;
  • Alle installaties op zonne-energie (dus uitzonderlijk ook deze die één enkele eenheid bedienen).

Het gaat niet over:

  • Individuele installaties van de individuele eenheden in het gebouw;
  • Verlichting in de gemeenschappelijke circulatieruimtes.
Wat is een appartementsgebouw?

Als een gebouw beschikt over minstens twee residentiële eenheden (met elk een eigen afsluitbare toegang), wordt het beschouwd als een appartementsgebouw en moet een EPC opgemaakt worden van de gemeenschappelijke delen.
In een appartementsgebouw kunnen ook niet-residentiële eenheden aanwezig zijn.